25-09-12

DOKTER

 

 

 

DOKTERS.PNG

 

 

DOKTER

 

We hadden toen ook een dokter in ons dorp, namelijk dokter Fouvry. We herinneren hem met zijn zwarte hoed en sigaar in de mond en een grote zwarte dokterstas in zijn hand. Hij had een hoog aanzien in het dorp en was gespecialiseerd in alles. Hij deed bevallingen, was huisarts en indien nodig ook tandarts. Na een bezoek bij hem thuis werd men langs zijn kleine huisapotheek via de grote poort buitengelaten.

Gepost door MICHEL RUSSE in DOKTER, WEKELIJKS NIEUWS 1950 | Commentaren (0) |  Print

DRUKKER

 

DRUKKER.PNG

 

 

 

DRUKKER

 

De drukker die onze “eerste communiezantjes” gedrukt heeft was hoogstwaarschijnlijk Albert D’Hondt. Hij was ook koster van de gemeente. De twaalfjarigen mochten ieder jaar de zangers leveren om het “Kerstliedje” te zingen. Adeste fidelis of iets in dien aard. In 1962 waren dat Freddy Delannoye en Michel Russe. In alle missen, de vespers en het lof werd er gezongen. Daarna mochten we met hem meegaan en kregen we een doos pralines. Later liet hij zijn zaak over aan Antoon Doise, die zich vestigde naast de beenhouwerij Dekersgieter in het huis van Marietje Duverlie. Een klein oud dametje waarmee hij het regelmatig aan de stok had. Tijdens hun ruzies kreeg hij regelmatig de leiband van haar hondje Rita in zijn gezicht.

Gepost door MICHEL RUSSE in DRUKKER, WEKELIJKS NIEUWS 1950 | Commentaren (0) |  Print

FOTOGRAAF

 

 

FOTOGRAAF1.PNG

 

 

FOTOGRAAF

 

Wij herinneren ons de plaatselijke fotograaf Robert Beun. Hij had zijn zaak in de kleer- en schoenwinkel van zijn ouders. Met onze eerste en plechtige communie moesten we ons gaan “laten trekken” bij hem. Iedereen zal zich nog zijn ijzeren stoeltje, tafeltje en bankje herinneren waarnaast we moesten plaats nemen en werd onze foto “getrokken”. De man heeft het ver gebracht en heeft nu een der bekendste zaken in West-Vlaanderen, in Kortrijk.

Gepost door MICHEL RUSSE in FOTOGRAAF, WEKELIJKS NIEUWS 1950 | Commentaren (0) |  Print

FRANKRIJK

 

 

 

 

HOUTKERKE.PNG

 

FRANKRIJK

 

Voor velen onder ons was onze eerste buitenlandse uitstap naar Frankrijk. Dat betekende meestal dat we boodschappen mochten gaan doen naar Houtkerke. Naar Labey’s om een fles wijn of naar de Coupé bij Bocket achter een Camembert of Frans brood. In die tijd stonden er nog aan iedere overgang “komiezen”. Ieder grenspost had zijn Belgische en zijn Franse douanepost. Een ijzeren hokje ter bescherming tegen regen, koude en wind was het enige wat de douaniers hadden en een bareel die moest opengemaakt worden als er wagens of vrachtwagens moesten passeren. Ze stonden meestal per twee aan een post en vroegen of we iets moesten aangeven als we passeerden. Als we om wijn gingen bij Labey vroeg Margueritte of we een snoep wilden of een jeneverke. Moeilijk was het niet. Als we een Camembert gingen halen naar de Coupé was het er van het merk “L’oiseau Bleu”. Binnenin de doos zat er dan soms een plastieken vlinder in.

Gepost door MICHEL RUSSE in FRANKRIJK, WEKELIJKS NIEUWS 1950 | Commentaren (0) |  Print