25-09-12

ROUW EN STERFGEVALLEN

 

 

BEGRAFENIS.PNG

 

 

ROUW EN STERFGEVALLEN

 

Als er iemand ernstig ziek was en op sterven lag ging de priester hem of haar “berechten”. dat was het toedienen van de sacramenten de stervenden. De priester , vergezeld van een misdienaar die een kruis droeg en een bel meehad om aan te kondigen dat  men op weg was met het H. Oliesel. Als die persoon overleden was werd hij soms thuis opgebaard en dan hing men een kruis aan de gevel en een lantaarn om te laten weten dat er een sterfgeval was in dat gezin. Bij gebrek aan plaats in huis werd de overledene opgeborgen in het “doodkotje”. dit was een gebouwtje aan de ingang van het Rusthuis in de Poperingestraat. Bij mensendie “te lande” woonden plaaatste men een strooien kruis aan de toegangsweg naar dat huis. Doodskisten werden gemaakt door de plaatselijke schrijnwerkers en die beschikten ook over personen die “dragers” werden genoemd. Zij droegen de overledene dan naar de kerk op de dag van de begrafenis. Thuis werd na de begrafenis enkele weken gee muziek gedraaid en droegen de mensen een zwart lintje op hun jas of een zwarte knoop op kraag van hun jas.bij gewone mensen bestond de rouwmaaltijd uit soep met pistolets en bij de beter gestelde klasse was dat soepvlees (boulie) met patatten en groenten en de “superrijken” aten rosbief.                                                                

De commentaren zijn gesloten.